De geschiedenis van het Bijzonder Jeugdwerk in woord en beeld
Vele mensen zoeken nog naar Internaat De Zandbergen en de Ravenhorst in Losser. Sommigen weten niet meer dat het een internaat was en zagen het meer als een vakantieoord. In de begin jaren had het internaat een opvangfunctie voor jongeren, grotendeels uit de randstad, voor 3 maanden. Later werd het een continu opvang voor jongens en meisjes.
In 1991 is het, toen zogenoemde bijzonder jeugdwerk verhuisd naar Enschede. In de wijk het Velve is nieuwbouw betrokken en dus uit Losser vertrokken.
Ter gelegenheid is het boekwerkje 50 jaar Bijzonder Jeugdwerk op de 'De Zandbergen' uitgegeven. Hoewel dit boekwerk ook al weer gedateerd is, geeft het toch de sfeer van die tijd goed weer. Voor een ieder die in die tijd met De Zandbergen te maken heeft gehad is er wel een stukje te vinden welke bij zijn/haar tijd past.
Het boekje is momenteel niet meer verkrijgbaar. Mocht er veel animo zijn dan wil ik overwegen om deze als Word of PDF beschikbaar te stellen.
Veel leesplezier.
BJ vijftig jaar op de Zandbergen
Voorwoord van Philip Visser, directeur
Met de verhuizing van De Ravenhorst naar Enschede is een eind gekomen aan een periode van bijna vijftig jaar in Losser.
Een periode waarin het dorp en het internaat met elkaar vergroeid zijn geraakt.
Voor de oorlog vormde "De Zandbergen" het doel van menige wandeling vanuit Losser of fietstocht vanuit Enschede. Het Smitoord, van de coöperatieve vereniging "Tot Steun in de Strijd", was de vakantiebestemming voor menig kind uit Enschede en omgeving. Vanaf 1942 werd het voormalige vakantieoord in gebruik genomen voor jongeren met problemen. Bij ons vertrek in 1991 zijn de 50 jaar dus net niet volgemaakt. In die vijftig jaar is er in en om het internaatswerk veel veranderd.
Het gedenkboek dat nu voor u ligt wil een beeld geven van deze veranderingen, zonder de pretentie te hebben volledig te zijn. Door interviews met oud-bewoners en medewerkers is geprobeerd een beeld te geven van de herinneringen welke bij hen zijn blijven hangen van hun verblijf op het internaat. De foto's, die de interviews illustreren, zijn afkomstig uit de privé- verzamelingen van medewerkers en bewoners uit het dorp, die enthousiast reageerden op een oproep in "De Dinkellander". Twente is trots op zijn geschiedenis, een geschiedenis die Twente en de Twentenaar heeft gemaakt tot wat zij zijn. De Ravenhorst is een deel van Twente geworden en hoort, nu het centrum vertrokken is van haar vertrouwde plekje, een plaats te krijgen in de geschiedenis van de streek. Daarnaast horen we vaak zeggen dat de geschiedenis ons kan helpen de koers voor de toekomst te bepalen. Waar of niet waar, met dit gedenkboek willen we een bescheiden bijdrage leveren aan de geschiedschrijving van de plek waar bewoners en medewerkers vele jaren met plezier hebben gewoond en gewerkt. Dit plezier is in belangrijke mate het gevolg van de contacten met onze "noabers", die zich voor jongeren en medewerkers als echte Twentse noabers opstelden. Door de jaren heen zijn de relaties met hen steeds van uitstekende aard geweest. Her doet mij dan ook buitengewoon veel plezier dat de nestor van de noabers bereid was een bijdrage aan dit gedenkboek te leveren.
Jaren achtereen zijn groepen jongeren, hoofdzakelijk afkomstig uit het westen van het land, de bewoners van het internaat geweest. Tweetal van hen vertellen over dit verblijf en de invloed die dat gehad heeft op hun leven. De vraag naar het "waar om" van de plaatsing, wordt door één van hen op indringende wijze aan de orde gesteld. Deze belangrijke vraag brengt ons bij een van de meest opvallende veranderingen welke zich op het internaat heeft voorgedaan. Een verandering die uiteindelijk heeft geresulteerd in het vertrek van het internaat uit Losser. In de naoorlogse periode kon een opname gedurende een periode van drie maanden betrekkelijk makkelijk plaatsvinden. Hoofden van scholen, artsen en anderen, adviseerden ouders vrij snel hun kinderen voor korte tijd te plaatsen in één der kampen van BJ. De gezonde omgeving van de Twentse bossen, aangevuld met een programma vol sport en spel, moesten jongeren uit de drukke grote stad weer even de gelegenheid geven op adem te komen. De plaatsing was in vele gevallen ook bedoeld als een tijdelijke ontlasting van de ouders. Hierdoor had de plaatsing voor drie maanden in een internaat het karakter van ondersteuning van ouders en kind waarmee ernstiger problemen konden worden voorkomen. Inmiddels is de samenleving complexer geworden en worden er aan ouders en kinderen steeds meer eisen gesteld. Plaatsingen met een preventief karakter komen niet meer voor, dit mede als gevolg van de sluiting van vele voorzieningen in de afgelopen jaren. Meer en meer is het inzicht ontstaan dat jongeren in het gezin geholpen dienen te worden. Uithuisplaatsingen moeten, zo is thans de opvatting, zoveel mogelijk worden vermeden. Het gevolg daarvan is dat de jongeren die nu in een centrum voor jeugdhulpverlening worden opgenomen veel hogere eisen stellen aan de hulpverlening. Hulp binnen het gezin is al geprobeerd en niet gelukt. In deze periode is de spanning tussen ouders en kind sterk toegenomen, waardoor het steeds moeilijker is geworden iets voor elkaar te betekenen. De hulpverlening die wij in zo'n situatie dienen te bieden moet van een hoogwaardige professionele kwaliteit zijn.
Dat vereist onder andere dat we moeten kunnen beschikken over goede accommodatie om onze jongeren te huisvesten met daarnaast een behoorlijk uitgerust educatie-centrum om vastgelopen opleidingssituaties weer op gang te kunnen brengen. In Losser voldeed de accommodatie niet meer aan de eisen van deze tijd. De vestiging, in de bossen, achter het dorp Losser, sloot niet meer aan bij de hulpvraag die onze jongeren, door hun gedrag, aan ons stellen. Ook het aanvankelijk voor Losser ontwikkelde nieuwbouwplan voldeed niet aan deze eisen. Door een geluk bij een ongeluk, te weten het gat in de begroting van de Rijksgebouwendienst, ging dit plan niet door en ontstond de noodzakelijke ruimte in tijd om tot een nieuwe afweging te komen. Na uitvoerig en langdurig overleg met medewerkers en beleidmakers op verschillende niveaus, is toen de keuze gemaakt voor een gedecentraliseerde voorziening in de stad. Een vorm van kleinschaligheid binnen een groter organisatorisch verband waardoor de voordelen van een grote instelling en de voordelen van kleinschaligheid konden worden gecombineerd.
Dankzij de medewerkering van de algemene directie van BJ, de gemeente, provincie en het samenwerkingsverband jeugdhulpverlening Twente (V.J.T.) konden de formele procedures snel worden afgerond en kon de verhuizing plaatsvinden amper drie jaar nadat het idee voor het eerst werd geopperd.
Als we nu kijken naar de schitterende nieuwe behuizing in de wijk Velve-Lindenhof, een wijk die ons enthousiast heeft ontvangen, dan kunnen we ons nauwelijks meer voorstellen hoe het mogelijk was met alle beperkingen welke de oude accommodatie ons oplegde te werken. Ieder kind een eigen kamer. Een goed uitgerust educatie-centrum en een functioneel stafgebouw en dat alles op afstanden van elkaar die nauwelijks groter zijn dan op het terrein in Losser. Natuurlijk stelt de nieuwe locatie in een stad andere eisen aan de begeleiding van jongeren. We hebben ons gerealiseerd dat er sprake zou zijn van een totale cultuurverandering waarop de medewerkers door scholingen training uitvoerig zijn voorbereid. Ook de organisatiestructuur diende ingrijpend te worden bijgesteld. Verantwoordelijkheden van de uitvoerend werkers dienden te worden bijgesteld. We zijn als totale organisatie in een proces van verandering gestapt waar niemand zich aan heeft kunnen onttrekken. De periode Losser is afgelopen, Enschede stelt ons voor nieuwe vragen, doet een beroep op onze creativiteit en inzet.
Ik heb dan ook veel respect en bewondering voor alle bij de ombouw en verandering betrokken medewerkers. Er zijn bergen werk verzet, zonder mopperen. Er is positief geïnvesteerd in een toekomst waarin we met zijn allen geloven. Hiervoor dank ik allen die bij dit veranderingsproces betrokken zijn geweest en wel in de eerst plaats de medewerkers van ons centrum. Mensen bedankt !
Voor het werken met onze jongeren kunnen we nu beschikken over een prima accommodatie op een prima plek. Laten we er met zijn allen aan werken dat daar dan ook de best mogelijke hulp wordt geboden.
Om privacy-redenen is er in dit boek voor gekozen géén namen van jongeren te vermelden bij de foto's.
Het gedenkboek laat zien dat hulpverlening een proces is vol van menselijke betrokkenheid. Velen hebben goede herinneringen aan "De Zandbergen" in Losser. We treffen echter ook een toon van verdriet, soms zelfs van pijn aan. Toch kan gesteld worden dat zelfs door die pijn heen, Losser een aangename herinnering is gebleven. Een gedenkboek als dit is door al deze verhalen een "klein monument" van menselijke omgang op een klein stukje Twente, een plekje dat velen nooit zullen vergeten.
Philip Visser directeur
Een stukje geschiedschrijving
Van 'De Zandbergen'-via De Ravenhorst'- tot... BJ-Twente
1942
Het Rijk huurt in Losser een terrein met villa "De Zandbergen" voor de inrichting van een kamp voor sociale jeugdzorg.

1946
Het ministerie van Wederopbouw en Volkshuisvesting huurt "De Zandbergen" voor het jeugdwerk in internaatsverband.
1951
"De Zandbergen" wordt van de Cooperatieve Vereniging Tot Steun in de Strijd Enschede gehuurd voor ƒ 4.000,- per jaar, voor een periode van vijf jaar. De huur betreft twee zomerverblijven, vijf schuren en 12.3 ha zand en bosgrond.
Laus Teepe wordt de eerste directeur op "De Zandbergen".
1955
De verhuurder wil verkopen. Het Rijk heeft het eerste recht van koop. De andere gegadigde blijkt de gemeente Losser te zijn, die al jaren het plan koestert het landgoed aan te kopen. De gemeente biedt ƒ 120.000,- en dat is meer dan het waard is.
De verhuurder vraagt ƒ. 105.000,-. Het departement vindt dat te veel.
1956
De huur wordt verhoogd tot ƒ 6.037,50 per jaar.

1957
De gemeente Losser probeert het terrein opnieuw te kopen van de Coöperatieve Vereniging. De gemeente wil het de bestemming geven van recreatieterrein. Zij wil de gebouwen echter blijvend ter beschikking stellen van het Rijk.
Gedeputeerde Staten geeft de gemeente geen toestemming om tot aankoop van "De Zandbergen" over te gaan. De gemeente gaat tegen deze beslissing in beroep.
Overleg tussen gemeente en ministerie leidt niet tot resultaten.
De vereniging vraagt nu ƒ. 91.300,-. Het Rijk vindt dit bedrag nog altijd te hoog. Het huurcontract wordt met een jaar verlengd.
1958
De gemeente Losser wordt in haar beroep tegen de beslissing van GS in het ongelijk gesteld.
1960
Directeur Lans Teepe neemt afscheid. Johannes Hofman volgt hem op. Onafhankelijke taxatie van "De Zandbergen" geeft een koopsom van ƒ 91.300,te zien.

1961
Het Rijk koop het terrein met opstal aan voor ƒ 80.515,-. Voor verbouw- en uitbreidingswerkzaamheden wordt een bedrag van ƒ 476.000 beschikbaar gesteld. Er worden vier paviljoens gebouwd en een gebouw waarin een leslokaal en de onderhoudsdienst worden gehuisvest. Men kiest voor semi-permanente bouw.
De villa "De Zandbergen" wordt afgebroken. Voortaan heet het internaat "De Ravenhorst".
1965
In dezelfde stijl als de paviljoens worden een stafgebouw en magazijn met kantoorruimten gebouwd.
1976
In dit jaar vertrekt directeur Johannes Hofman. Hij gaat naar het BJ-internaat Aekinga te Appelscha.
De toestand van de gebouwen is niet bepaald rooskleurig. De vraag is echter of opknappen de nieuwbouwplannen niet zal doorkruisen. Voor de gymnastieklessen wordt een noodgebouw neergezet, in de vorm van een luchthal, met een tijdelijke vergunning van de gemeente.
1977
Wouter van Loon wordt tot directeur benoemd. Er komt methodische werk begeleiding voor de groepsleiding vanuit BJ-Centraal te Lochem.
Van voortgang in de bouw is in deze periode geen sprake. "De Ravenhorst" gaat zijn hulpverlening meer richten op de regio Twente.

1979
De aanzet tot democratische veranderingen door de directeur gaan te snel.
Van Loon vertrekt en wordt opgevolgd door Cor Struik. Interne spanningen komen onder zijn leiding tot rust.
De directeur gaat deelnemen aan het Twents Tehuizen Overleg in verband met de regionalisering.
1980
Het programma van eisen voor de nieuwbouw van "De Ravenhorst" is vastgesteld en goedgekeurd. Het betreft een nieuw servicegebouw en een sportlokaal.
"De Ravenhorst" is nog steeds een internaat voor LOM-leerlingen. Het begrip LOM-leerling zegt echter weinig. Men erkent dat de schoolproblemen vaak een andere achtergrond hebben. "De Ravenhorst" gaat zich richten op kinderen met een normale intelligentie, leerachterstand en gebrek aan leermotivatie.
1981
Vrijwilligers uit Losser komen op "De Ravenhorst" de handen uit de mouwen steken.
Het centrum treedt in overleg met een kamertrainingscentrum in Enschede om samenwerking tot stand te brengen.
De dienstwoning wordt in gebruik genomen als een interne voorziening voor kamerbewoning.
Emancipatie doet zijn intrede op 'De Ravenhorst'. In ieder team werkt nu één vrouw. De "mannenheerschappij" wordt langzaam doorbroken.

1982
"De Ravenhorst" richt zich op jongeren met een normale intelligentie van 12 tot 17 jaar. Later wordt beslist met jongeren van 7 tot 17 jaar te gaan werken.
In dat jaar komen voor het eerst ouders op het internaat logeren, om de omgang met hun kinderen op een nieuwe manier aan te leren.
1984
De provincie krijgt in de toekomst meer te zeggen over de invulling van de jeugdhulpverlening. Men vraagt zich af of de nieuwbouwplannen van "De Ravenhorst" niet klem komen te zitten tussen deze ontwikkelingen. Men is nog steeds in overleg met de Rijksgebouwendienst. Het programma van eisen voor de nieuwbouw is vastgesteld. De opdracht aan de architect is door Rijksgebouwendienst verstrekt.
Op "De Ravenhorst" gaan de eerste leerlingen naar externe scholen. Het aantal plaatsingen uit Overijssel stijgt langzaam.
1985
"De Ravenhorst" wil zich nog meer dan voorheen gaan richten op jongeren uit de eigen regio. Het internaat ontwikkelt zich tot een voorziening voor Overijssel. Men besluit met jongens èn meisjes te gaan werken.

1986
Directeur Cor Struik neem afscheid en wordt opgevolgd door Phlip Visser.
In het plaatsingsbeleid gaan regionale gevallen voor. Het plan voor totale nieuwbouw wordt door de minister goedgekeurd. Er wordt feest gevierd op het internaat. Twaalf uur voor de aanbesteding wordt het nieuwbouwplan afgeblazen.
Het gaat voor meerdere jaren in de ijskast.
Reden: Rijksgebouwendienst zat met een gat van 500 miljoen: het "gat Nijpels".
1987
Een alternatief plan voor nieuwbouw in Enschede komt op gang. Algemeen BJ-directeur Han Muller geeft toestemming voor verdere ontwikkeling.
Het personeel kan er na een zware bespreking mee instemmen.
1988
Het zoeken naar bouwterrein in Enschede begint. Rijksgebouwendienst gaat met de plannen akkoord. De nieuwbouw past ook goed in het Ondernemingsplan voor een geprivatiseerd BJ.
1989
Bouwterrein gevonden in de wijk Velve-Lindenhof te Enschede. Schetsontwerpen worden gemaakt en goedgekeurd. De Gemeentelijke Bouwdienst verzorgt de bouwcoördinatie. Er worden voorlichtingsavonden in de wijk gehouden. De bewoners reageren "redelijk instemmend".
De grond wordt aangekocht, de bouwkredieten worden verworven.
1990
De aanbesteding van de bouw vindt plaats in januari. De bouw start in maart. In december worden reeds de eerste panden opgeleverd.

1991
Op 11 februari verlaten medewerkers en jongeren het landelijke Losser. De diverse lokaties in de wijk Velve-Lindenhof worden betrokken.
Op woensdag 15 mei is de officiële opening van BJ-Twente in Enschede.




